Motorrit Wyoming – Augustus 2008

posted in: Vakantie | 0

Donderdag, 14 Augustus

Vandaag is het een gewone werkdag, maar we hebben wat extra bagage bij ons als we s’ochtends naar ons werk rijden. De hele dag zit ik min of meer op hete kolen, maar om 5 uur kan ik dan eindelijk Gepke op halen en zetten wij onze motorrit in noordelijke richting in. Vandaag willen we nog naar Wheatland in Wyoming rijden, zodat we alvast een eind op weg zijn naar onze bestemming in noord oost Wyoming: Devil’s Tower. Vanuit mijn kantoorraam had ik al gezien dat de bewolking steeds dichter werd en er is veel regen voorspeld. Die regen zullen we doorheen moeten, maar het zal zich voornamelijk rond Denver concentreren is de voorspelling. De rit na het werk vordert niet echt snel, we zitten een paar keer in de file en het verkeer wordt pas minder als we in de buurt van Fort Collins komen. Hier valt ons een zeer sterke uiengeur op, en de daken van de huizen en de bermen zijn wit. Blijkbaar hebben we net een zware hagelstorm misgelopen die behoorlijk heeft huisgehouden op de uien oogst van dit jaar. Dus uiteindelijk hebben we nog mazzel dat we door het verkeer zijn opgehouden, anders hadden we midden in deze hagelbui gezeten. Tot nu toe houden we het nog droog, maar de donkere wolken komen steeds dichterbij. Inmiddels is het bijna donker, maar we zijn ook nog maar 5 mijl van Wheatland, dus misschien houden we het droog! Op dat moment opent de hemel zich… Het komt werkelijk met bakken uit de hemel en we zien geen hand meer voor ogen. De snelheid loopt terug naar zo’n 35 mph en elke keer als het bliksemt zijn we tijdelijk verblind en zien helemaal niets meer. Gelukkig zijn we bijna bij het hotel, en stapvoets gaan we verder. Na bijna de afslag te missen, rijden we dan toch het terrein van Motel 6 op en staan even later als verzopen katten na te druppelen in de lobby. Het had erger kunnen zijn. De regenpakken hebben ons onder alle lagen toch vrij droog gehouden. Als we de bagage naar de kamer hebben gebracht, besluiten we door de stromende regen in de regenpakken naar het naastgelegen restaurant te lopen. Als we daar aankomen blijkt de keuken dus al dicht te zijn, dus opnieuw door de regen naar de aan de overkant gelegen Burger King gelopen. Het wordt dus een simpele fast food maaltijd, maar dat is beter dan niets. Na het eten lopen we door de regen weer terug naar de kamer, en kruipen onder de wol. We horen de regen de hele tijd doorgaan, en vallen uiteindelijk toch in slaap.

Vrijdag, 15 Augustus

We worden wakker en kijken hoopval uit het raam, maar we zien regen, regen en nog meer regen. De voorspelling is dat het hier in Wheatland wel zo zal blijven, maar ten noorden van ons moet het in de loop van de dag opknappen. Dus weer in de regenpakken gehesen en op weg. Het eerste stuk valt het eigenlijk wel mee. Het zijn wat mieserbuitjes en motregen, maar eenmaal voorbij Manville openen de hemelen zich weer en blijft het constant regenen. We stappen in Lusk af om even een broodje te eten, in de hoop dat het misschien ophoudt met regenen. We nemen een “breakfast sandwich” in een lokale coffee shop. Hier proberen we ook de GPS weer een beetje bij te laden. Blijkbaar waren we hem vergeten uit te zetten, en nu is de batterij leeg. Veel maakt het niet uit, wat de GPS is niet waterdicht, dus tijdens de regen zit ie veilig in de bagage koffer. Als het wat lijkt op te klaren gaan we weer verder, maar het min of meer droge maakt al snel plaats voor constant neerslaande regen. Na verloop van tijd kan de regenkleding het ook niet meer tegenhouden en ik voel het water langs mijn knieen in mijn laarzen lopen.

Als we in de buurt van Devil’s Tower komen klaart het weer eindelijk op en we kunnen weer een beetje blauwe lucht zien. We besluiten de berg eerst maar even van dichtbij te bekijken, en later naar de Bed en Breakfast te rijden. Devils Tower, een vreemd natuurverschijnsel, ziet er magisch uit naarmate je dichterbij komt. Je kunt aan de voet van de berg parkeren en een lange of korte trail om de berg heen lopen. Gepke loopt een stukje van de korte trail, terwijl ik even op een bankje achterblijf. Als ik twee stappen doe hoor je het klotsen in mijn laarzen, dus ik heb niet echt zin in een lange wandeling.

Na wat fotos van de omgeving te hebben gemaakt, gaan we richting de Bed and Breakfast van Dee en Peter. Het is ongeveer 5 mijl van Devil’s Tower naar de Lytle Creek Inn B&B waarvan 3 mijl over een gravelweg gaat. Met de auto niet zo’n uitdaging, maar met de motor is het even uitkijken op de kleine kiezelsteentjes.

Als we aankomen, blijkt er niemand thuis te zijn. We lopen even naar het huis en steken onze hoofden door de voordeur, maar onze kreten “volk!” blijven onbeantwoord, afgezien van een cocker spaniel die ons vriendelijk begroet. Op dat moment komt Dee aanrijden, die net even een boodschapje was wezen doen. Zij ontvangt ons vriendelijk en zegt dat aangezien we de enige gasten zijn, we gebruik mogen maken van de private loft, in plaats van de kleine slaapkamer in huis. Op deze wijze hoeven we niet de badkamer of andere faciliteiten te delen. Wij nemen het aanbod graag aan.

De private loft blijkt een appartement te zijn wat boven een apart gelegen garage ligt. Er is een woonkamer/slaapkamer met een keuken ernaast. Buiten hebben we een enorm balkon met een fantastisch uitzicht op het dal en verder gelegen heuvels. De motor mag beneden in de garage staan. Er is ook WiFi dus we kunnen middels de iPod nog even de email bijlezen. s’Avond nemen we de motor nog even naar Hulett voor een maaltijd bij de Ponderosa. Het is inmiddels droog en dat zal de rest van het weekend zo blijven.

Zaterdag, 16 Augustus

We hebben met Dee afgesproken dat we om 8 uur het ontbijt bij hun komen nuttigen. Inmiddels is ook Peter aanwezig. Blijkbaar liggen elders in het huis nog wat kinderen te slapen, maar daar hebben we niets van gemerkt. Ook hier hebben we weer te maken met een diep religieus gezin. Peter is een deacon voor de katolieke kerk, en klust er wat bij als timmerman. Voor de maaltijd word een gebed gedaan door Peter, en vervolgens kunnen we genieten van al wat Dee voor ons heeft klaargemaakt. Er is een soort yoghurt met verse vruchten (berries) zoals strawberries, blueberries, raspberries en muesli. Het was wel in te nemen, terwijl ik vaak helemaal niet van dat soort dingen houd. Verder was er gebakken eieren, toast en zelfgemaakte krentenbollen met een zoete laag suikerglazuur. Het was in ieder geval een ontbijt waar we de rest van de dag op kunnen leven. Het gesprek tijdens het ontbijt ging over hun leven hier, en ons contrasterende leven in de stad. Na het ontbijt nemen we afscheid en laden ons hebben en houden weer op de motor.

Vandaag is Deadwood het eerste doel. Via een aantal steden met frans klinkende namen zoals Belle Fourche en St. Onge (volgens Gepke “Stonzje”) komen we in Deadwood aan. Het is een typisch gokstadje zoals Central City en Blackhawk die wij kennen in Colorado. Het is leuk om even doorheen te lopen, maar als je net als wij niet van die gokkers bent het je het na een uurtje wel gezien.

Wij genieten meer van de rit hier door de Black Hills. De omgeving is erg mooi, en dankzij alle regen van de laatste paar dagen heel erg groen. Op de motor ziet het er allemaal weer anders uit dan met de auto toen we hier de laatste keer waren. Omdat we hier al eens zijn geweest brengen we geen bezoek aan Mount Rushmore en Crazy Horse. Onderweg stoppen we wel in Rapid City waar we in het gras gaan zitten om even lekker in de schaduw bij te komen. Wij toeren lekker verder op weg naar Wall, waar we wederom een Motel 6 hebben geboekt.

Wall is het voorbeeld van typisch mid-west entertainment en roadside attraction. De Wall Drug Store is ooit begonnen toen Mount Rushmore nog maar net open was. De eigenaar verwachtte veel klandiezie van mensen die Mount Rushmore zouden bezoeken, maar dat viel eigenlijk tegen. Hij begon toen gratis ice water weg tegeven, en zette daarvoor overal reclame neer. Steeds verder van Wall vandaan, totdat andere mensen het overnamen en wegwijzers neerzetten naar Wall South Dakota in de meest afgelegen plaatsen zoals Tahiti. Zelfs in Amsterdam staat vlakbij het Centraal Station een bordje richting Wall Drug, met de afstand aangegeven in miles: 4502. Na even bij de Wall Drugstore te hebben rondgewandeld rijden we naar ons motel, het diner nuttigen we bij Cactus Cafe en Louge.

Zondag, 17 Augustus

Vandaag staat in het teken van een ritje door de Badlands, gevolgd door de aanvang van de rit naar huis via Alliance in Nebraska.

Ik was nog steeds niet in de Badlands geweest, en dit soort natuur kun je op geen betere manier ervaren dan in de open lucht op de motor. Het weer werkt in ieder geval mee; stralend blauwe lucht en geen regen in het vooruitzicht. We genieten van de bochtige weg door de Badlands en stoppen bij veel van de uitzicht punten om fotos te maken. Als je ziet waar de formaties in de Badlands van gemaakt zijn, een zacht soort modder, dan is het mijn verwachting dat dit fenomeen er geen duizenden jaren meer zal staan.

We zijn vrij snel door de Badlands heen, en besluiten niet meteen naar Alliance te rijden, maar een omweg te nemen via Fort Robinson State Park. Ik hou wel van de oude forten die overal verspreid in Wyoming, Colorado en Nebraska staan zoals Ft. Larimie, Bent’s Fort, en wil daarom ook deze van nabij zien. Het blijkt geen slechte keus.

Dit is een van de beter bewaarde forten. Het is ook mogelijk hier in een van de vormalige soldaten verblijven te overnachten, of een cabin te huren die lijkt op de officieren verblijven. Verder is er een camping waar je ook met je RV terecht kunt. Een van de originele officieren verblijven is hersteld met de originele inboedel en meubels en is te bezichten. Verder is er een museum met de verdere geschiedenis van het fort dat pas in 1953 is gesloten.

Gedurende de tweede wereld oorlog was hier ook een gevangen kamp voor duitse krijgsgevangen, voornamelijk gevangen genomen in de Noord Afrika veldslag met Rommel. Het was goedkoper om ze hiernaartoe te brengen en landbouw activiteiten te laten verrichten. Er waren in WWII namelijke bijna geen amerikaanse mannen om het landbouw werk te verrichten.

De wegen in west Nebraska laten wel wat te wensen over. Door zware voertuigen op de enkelbaanse wegen zitten er op sommige wegen diepe sporen in. Met de motor blijf je dus een beetje heen en weer zwieberen tussen die groeven. Het doet een beetje denken aan de “ruts” van de pioniers wagensporen die je elders kunt zien. Blijkbaar zijn ze daar hier trots op en proberen de traditie vol te houden. Het was in ieder geval een inspannend ritje naar Alliance, waar we laat in de middag aankomen. Het hotel hier, de 1st Inn, was zo’n beetje het slechtste wat we deze reis hebben getroffen. In mijn bed staken hier en daar de veren uit het matras, het plafond in de badkamer zat onder de schimmel en de airconditioning hoorde in een museum thuis. En dat terwijl het met $65 duurder was dan de twee Motel 6 die we eerder hadden. Ik kan het niet aanraden voor mensen die door Alliance komen.

De eigenaar beveelde twee restaurants aan in de stad. Het mexikaanse restaurant wat naast het hotel lag, of Ken and Dales steak restaurant wat verderop was gelegen. Volgens de hotel eigenaar was het een beetje “overpriced”, maar we waagden het er toch maar op. Het restaurant was beslist geen 5 sterren restaurant, en het zag er van binnen uit alsof er regelmatig knokpartijen werden gehouden, maar het eten was prima en we hebben met z’n tween voor nog geen $40 gegeten inclusief fooi. Dus van overpriced vond ik was geen sprake.

Maandag, 18 Augustus

We werden wakker en een blik uit het raam liet een dikke mistbank buiten zien. We hadden daar niet echt zin om doorheen te rijden, dus we hingen nog even in de kamer rond, in de hoop dat het wat zou opklaren. Echt veel beter werd het echter niet snel, dus we laden uiteindelijk alles toch maar op de motor en gaan op weg naar Car Henge ten noorden van Alliance. Onderweg klaart het toch op en het lijkt erop dat de mistbank eigenlijk alleen maar om het dorp hangt. Een halve mijl buiten de stad rijden we alweer in het zonnetje en in de verte doemen de vormen van Car Henge al op.

Er is op dit vroege uur niemand hier te verkennen, en we kunnen rustig rondlopen en fotos nemen van deze “road side attraction”. Later rijden we weer terug naar Alliance om daar nog even wat benzine in de tank te gooien voordat we de lange rit over de Nebraska vlaktes ondernemen. Onderweg zoeken we naar een ontbijtplekje. De dorpen zijn hier vrij dun gezaaid, maar in het plaatsje Gurley zien we een bordje “cafe” met daar onder een bordje “open”. Het is een typische mom-and-pop tentje waar slechts een van de tafeltjes bezet is door een forse man in een blauwe werk overal. Zoals gebruikelijk in dit soort tentjes raken we al snel aan de praat met de gasten en de eigenaars. De man in de overal heeft een kleine boerderij met wat koeien. Hij verbouwt ook wat mais, maar alleen voor consumptie door zijn eigen koeien. De mais is momenteel te duur om te kopen, dus verbouwt hij het maar zelf. De muren van het cafeetje zijn behangen met religieuze teksten, plaatjes van Teri Shiavo en andere spreuken. Ik heb niet het idee dat mom en pop op Obama zullen stemmen.

Na het ontbijt bestijgen we ons metalen ros weer en gaan verder richting Sydney.In Sydney stoppen we voor een heel kort bezoekje aan Cabella’s. Men maakt hier in Nebraska nogal ophef over deze supermarkt voor jagers en vissers, maar wij vinden het niet veel voorstellen, en we rijden dus maar door naar Sterling in Colorado waar we de tank volgooien en wat te drinken en iets lekkers kopen. Verderop in Sterling vinden we een mooi parkje waar we onder een boom ons drankje en hapje nuttigen. Vlakbij is ook een toilet, zodat we weer opstappen met lege blaas, volle maag en tank, en uitgeruste bipsen.

Vanwege de zitvlakken die nu toch wat vaker een rustpauze nodig hebben, maken we in Wiggens weer een stop bij een vrij mooie rest area aan de snelweg. Vanaf hier gaat het verder naar Watkins voor de volgende tankstop. We zijn nu nog maar 5 mijl van huis, en ons ros ruikt de stal al. We toeren verder en rijden enige tijd later onze oprit op. De kat had vele presentjes overal in huis voor ons achtergelaten, en terwijl Gepke zich daarover bekommerde ben ik met de auto de hond op gaan halen bij de kennel. Daarna heb ik alle lagen vuil van de motor verwijdert met slang, zeep en water. Hier en daar nog wat sprinkhanen uit de kleine hoekjes en gaatjes gepeuterd, en ons stalen ros is weer gereed voor de volgende trip.

Share us: Share on FacebookShare on Google+Tweet about this on Twitter

Leave a Reply