Oman: Muscat en rit naar Sur

posted in: Oman, Vakantie | 0

De eerste dag van de Oman toer ging van start met een bezoek aan de Sultan Qaboos Grand Mosque.  Van buiten ziet deze moskee er al indrukwekkend uit, maar als je binnen in de grote ruimte loopt waar de mannen mogen bidden, valt je mond helemaal open van alle pracht en praal.  Dit is eigenlijk ongebruikelijk voor een moskee, want die zijn meestal vrij sober van binnen.  Hier is echter kosten nog moeite gespaard om indruk te maken.  De meeste bouwmaterialen zijn geïmporteerd: teakhout uit India en Myanmar, marmer uit italië, verschillende soorten steen uit alle delen van de wereld.  De vrouwen in onze groep moesten allemaal een hoofddoek om; de mannen ware ok, zolang ze geen korte broek aan hebben.  Maar zowel mannen als vrouwen mogen overal even een kijkje nemen.  Als we een gebedsruimte binnengaan moeten wel even de schoenen uit, en daarvoor zijn overal voorzieningen om ze even te parkeren. Omdat moslims zichzelf ook moeten wassen voor het gebed, zijn er ook uitgebreide wasruimtes, waar we ook even een kijkje mogen nemen.

Na het bezoek aan de moskee rijden we naar het Bait Al Zubair museum, waar er allerlei voorwerpen zijn tentoongesteld over de Omani cultuur.  Veel verschillende klederdrachten van de verschillende groeperingen en delen van Oman.  Dolken en kromzwaarden, die tegenwoordig alleen nog cerimonieel worden gedragen, bijvoorbeeld bij bruiloften.  Verder veel sierraden, schalen, vazen en andere gebruiksvoorwerpen van heden en verleden.  Op de bovenste verdieping is een uitgebreide munten en postzegel verzameling; beide voorwerpen die in de niet al te verre toekomst niet meer zullen worden gebruikt.

Onderweg stoppen we kort voor fotos in de omgeving van twee forten: Al-Mirani en Al-Jelani, vlak bij het paleis van de Sultan, voordat we verder gaan naar de Muttrak Souq, een oude winkelstraat in Muscat, vlak aan zee.  De straatjes zijn bezaaid met mini winkeltjes die allerlei lokale producten aan de toeristen proberen te verkopen.  Er zijn de klassieke producten zoals sierraden (goud), frankinsence (wierrook) en mirre die al 2000 jaar populair zijn als kadoos bij geboortes van kinderen in stalletjes.  Maar ook zaken zoals shaaltjes, electronica en dishdashas.  De laatste lijkt mij wel wat en in twee winkeltjes probeer ik of ze mijn maat hebben. Ik slaag erin een mooi blauwe dishdasha te scoren, die mij gewoon lekker lijkt zitten als je wilt ontspannen op de bank bij de TV.  Past wel goed bij mijn hoofdschoeisel die ik in Jordanië heb aangeschaft.

We sluiten af met een uitgebreide late lunch bij The Cave restaurant, waar Gepke kennis maakt met haar nieuwe lievelingsdrankje: Lemon Mint Juice.  De lunch is een variatie van Turkse / Omani gerechten, geserveerd door een opgewekte Egyptenaar die met iedereen grapjes maakte.  De rest van de middag is vrij voor ons.  Eigenlijk is er weinig tijd meer over, en we hebben na de grote lunch ook niet echt honger meer, dus we houden het op een ijsje en vroeg naar bed.

De volgende ochtend zijn we om 8 uur klaar om in de 4 Land Cruisers te stappen die ons naar Sur zullen brengen.  We maken kennis met Ghamish onze chauffeur voor de komende dagen.  De koffers worden achterin geladen en in comfortabele luxe rijden we richting Sur.  De eerste stop is de Bimmah Sinkhole, een 40 meter brede en 20 meter diep gat in de grond met heel helder water erin. We lopen via een stenen trap naar beneden en kunnen daar een beetje pootje baden.  Als je dat doet, komen er hele kleine visjes aan je voeten knabbelen.  Een vorm van exfoliation zeg maar.

Na deze stop gaat het verder naar Wadi Tiwi, een soort oase langs een vallei riviertje.  Hier stroomt het hele jaar water, dus er is veel begroeiing in de vorm van palm bomen, dadels, bananen en mango bomen.  Het is er druk met wandelaars en wij rijden er in vol ornaat met de grote autos doorheen.  Gepke was zelf ook liever gaan wandelen, maar als we uitstappen voor een uitleg, lopen we niet meer dan 100 meter voordat we weer instappen en terugrijden naar de kustweg.

We arriveren in Sur, waar de Dhow shipyards zijn die de schepen maken van dezelfde naam.  Deze boten worden nog steeds op de ouderwetse manier met de hand gebouwd, en zelfs sheiks uit omringende landen kopen ze voor hun vloot privé boten.  We klimmen even naar boven op een Dhow in aanbouw en bewonderen het handgemaakte houtsnijwerk.

We gaan dan verderop in het dorp lunchen bij een Indiaas restaurant, hetgeen geen succes is.  Het menu wordt bestudeerd en we kiezen iets, maar als de ober de bestelling opneemt heeft hij niet wat we kiezen.  We wijzen naar iets anders, dat is er ook niet.  We worden al kriegel, waarom staat het dan op het menu als je het niet hebt sufferd?  Uiteindelijk kies ik maar voor een hamburger en Gepke voor een salade.  Ik krijg na een uur eindelijk als enige van het gezelschap mijn hamburger en de rest mag kijken hou ik die opeet.  Even later komt mondjesmaat ook eten voor de anderen, maar Gepke d’r salade is “missing in action”, en komt nooit opdagen.  Uiteindelijk als iedereen klaar is met eten bieden ze alsnog aan de salade te maken, maar dan hoeft Gepke hem toch echt niet meer.  Nee, deze tent zal nooit een Michelin ster krijgen; verre van dat.

Verderop stoppen we nog even op verzoek om fotos te maken van de Dhows die in het water liggen, voordat we naar het hotel in Sur rijden.  Het hotel is weer van hogere klasse dan we normaal bij G-Adventures gewend zijn, met een grote binnenplaats die tot de 7de verdieping gaat en een enorme glas-in-lood plafond heeft.  We krijgen een glasje mangosap ter verwelkoming, en checking in bij onze kamers.  Ook hier weer hele nette kamer met goed effectief werkende airco, die bij de 35C temperaturen hier, geen overbodige luxe is.  Ook als het avond is geworden is het nog steeds 28C en gaan we nog even een ritje maken naar Ras Al-Jinz om de Green Turtles te zien.  Daar aangekomen is het duidelijk dat we niet de enigen zijn: er staat een grote meute andere toeristen al te wachten, en we worden in voor hun handelbare groepen verdeeld.  Wij zijn groep zeven, en na zo’n uur wachten mogen we met een gids in het pikkedonker naar het strand lopen.  Wij zijn echt onder de indruk van wat we daar zagen.  Eerst een schildpad die klaar was met eieren leggen en zand op zijn nest schepte, vervolgens een schildpad die nog midden in het eieren leggen bezig was.  Je kon zo steeds de eieren naar buiten zien floepen in het zand.  Verderop zien we een baby schildpadje bezig een weg te banen naar de zee, en weer iets verder een grote schildpad die bijna klaar is met het nest bedekken en al probeert weg te kruipen.

We wandelen onder de indruk weer in het donker terug naar de autos.  Dat zijn van die dingen die je op natuurprogrammas ziet op TV, maar in het echt is dat toch weer net iets anders,  Vrij laat komen we weer bij het hotel aan en gaan moe in bed liggen en dromen van schildpadden…

 

››› Van Sur via Washiba naar Nizwa

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.